Een circus in de kerk
Zaterdagmorgen 15 februari was er in de kerk van Asten van alles gaande. Het altaar was weg, het tabernakel leeg, op het priesterkoor stonden decorpanelen en overal speelden kinderen. Ze bleven de hele dag in de kerk, want ze gingen een Koemi-musical instuderen over een circus.
‘De kerk is geen circus’, zei pastoor Steijaert, ‘Maar we hebben wel iets gemeen met het circus: vreugde. Iedereen heeft van God talenten gekregen die bij hem of haar passen. Je mag ze tonen, er iets mee doen. Ook in de kerk is ruimte om creatief bezig te zijn met je geloof. God is zelf immers ook creatief. We willen de kinderen laten ervaren dat God van hen houdt. Een meezing-musical is een mooie manier om kinderen en gezinnen bij de Kerk te betrekken.’
Koemi is een katholieke musical-organisatie, met als missie om deelnemers en toeschouwers te laten voelen dat God hen mooi geschapen heeft – met talenten en beperkingen. Je bent nooit meer of minder dan een ander, God houdt van jou zoals je bent.
De naam “Koemi” komt uit de Bijbel. Jezus zegt: “Talita, koemi”, “Meisje, sta op” (Lucas 8, 54), en Jesaja schrijft: “Koemi ori”, “Sta op en schitter” (Jesaja 60, 1). Laat je zien, geef niet op, durf je talenten te gebruiken.
De musical werd gedragen door kinderen en jongeren die al lang bij Koemi zijn. Zij kenden de liedjes al en speelden de rollen. De kinderen uit de parochie zongen en dansten mee en bewogen mee met de acteurs.
Hoofdpersoon Spector wilde meedoen met het circus, maar ze was blind en dacht dat ze dus niets kon of heel erg op zou vallen. Maar alle circusartiesten hadden hun eigen beperking. Ene Vitalis heeft hen rondom zich verzameld vanuit zijn eigen levenservaring: vallen om weer op te staan. Hij stond symbool voor Jezus.
Na een paar uur zetten de kinderen in circustenue een mooie, goed lopende musical neer. Het verhaal was rijk van inhoud. De pastoor sloot de dag af met de woorden: ‘Jullie hebben elkaar, het publiek en mij blij gemaakt en opgebouwd. Dank jullie wel!’